Socialistische verheerlijking van massamoord

Wat een farce was het weer. Voor de zoveelste keer legde het ABVV het land plat. Een zeer goed doordachte strategie in een land dat zijn economie moet herbouwen, dat werkgelegenheid moet creëren. Een land waarvan de overheid de putten van de vorige legislaturen moet dichten om de welvaart veilig te stellen alvorens ze opnieuw te kunnen stimuleren. Voor de zoveelste keer verscheen in het lang en het breed in het buitenland dat in België gestaakt werd. Top reclame om buitenlandse investeerders aan te trekken, om onze naam als betrouwbare handelspartners waar te maken… Of net niet.
En wat een scène. In vrijwel elke krant en op elke nieuwszender zagen we het; een militant van het ABVV die bebloed languit in bad ligt, zijn hoofd levenloos opzij, vermoord door premier Charles Michel. Een overduidelijke doch niet geslaagde persiflage op Jacques-Louis David’s wereldberoemde werk “La Mort de Marat”, 1793. De foto sierde verschillende kranten, maar niemand lijkt zich vragen te stellen bij wat hier exact te zien is. Wie was Marat?

Zaterdag 13 juli 1793, ongeveer zeven uur ‘s avonds. Charlotte Corday brieft Jean-Paul Marat over de vlucht van de girondijnen naar Caen. Een kwartier later ploft haar mes in zijn borst. Bij haar arrestatie, gilde Charlotte “Je m’en fous, le coup est fait, le monstre est mort!” (zoals geciteerd in Ponsard, 1892). De Held van de Revolutie, de held van het ABVV een monster? Hoe het ook zij, de “Held van de Revolutie” stierf in zijn bad en in mineur. Waaraan verdiende Marat zulk einde? In werkelijkheid was hij minder heldhaftig, net zoals de meeste zogenaamde “Helden van de Revolutie”. Marat speelde een uiterst belangrijke rol in een zeer donkere episode in de nasleep van de bestorming van de Bastille. In 1777 werd hij aangesteld als persoonlijke arts van graaf d’Artois, de jongste broer van Lodewijk XVI. Als wetenschapper was hij geen onbesproken figuur. Hoewel hij in zijn jaren in Londen verschillende wetenschappers ontmoette en let zijn boek “Plan de législation criminelle” grote lof oogste, stootte hij ook op hevige kritiek van Voltaire. Zijn vertaling van Newton’s “Optica” werd dan weer op de korrel genomen door Jacques Charles. Marat werd niet toegelaten tot de Académie Française .

Ondertussen brak in Frankrijk de Revolutie in alle hevigheid los. Hoewel Marat reeds in februari 1789 brieven richtte aan de États-Généraux, was de grote Held van de Revolutie tijdens de Bestorming van de Bastille nergens te bespeuren. Meer nog, hij verzette zich scherp tegen de bijhorende feestvreugde. In september wierp hij zich op als journalist en beschuldigde hij het levensmiddelencomité van de heersende schaarste. Hij botste met de burgerlijke overheden en nam in december reeds de wijk naar Londen. Na zijn terugkeer naar Parijs in mei 1790, hield Marat zich schuil in de riolen of de kelders van Cordeliers. Hij ging tekeer tegen elke gematigdere opvatting dan de zijne. Dat de Franse revolutionaire leuze “Liberté, Égalité, Fraternité” impliciet ook het respect voor vrije mening omhelst was hem, net zoals de meeste extreem-linkse revolutionairen, compleet vreemd. In juli 1790 schreef hij “Cinq à six cents têtes abattues vous auraient assuré repos, liberté et bonheur. Un fausse humanité a retenu vos bras, elle va coûter la vie à des millions de vos frères” (Marat, 1790). Voor Marat was moorden een legitiem middel om zijn doelen te bereiken. Hij was het die de kost van de revolutie kwam innen…

Na zijn aanstelling als voorzitter van de Jacobijnen, waartoe ook Maximilien de Robbespiere behoorde, in april 1792, stelde Marat voor om de koninklijke familie tot gijzelaars te maken. Dit leidde tot de val van de monarchie op 10 augustus 1792 en leverde hem de afschuw op van de pacifistische girondijnen. Marat liet hen korte tijd later bloedig vervolgen (Martin, 2013). Tevens richtte hij een “Commissie van Toezicht” op, welke “vijanden van de Revolutie” diende op te sporen. Een groot aantal royalisten en geestelijken werden zonder enige aanwijzing of duiding gearresteerd. Nog voor het einde van augustus zaten de gevangenissen vol. Tijdens de bezetting van Parijs door de Oostenrijkse troepen dat jaar, stelde Marat dodenlijsten op. Zonder veel bewijs van schuld of onschuld, zonder enige vorm van proces eindigden deze vermeende vijanden van de republiek onder de guillotine. Het volk, opgezweept door Marat en Robbespiere, trok als hysterische menigte langs de Parijse gevangenissen waar ze de gedetineerden uit de weg ruimden. Ook op het platteland moesten velen eraan geloven. De dagen tussen 10 augustus en 20 september 1792 zouden de geschiedenis ingaan als “La première Terreur”, onder leiding van Robbespiere en bijgestaan door… Marat. Het hoogtepunt viel echter tussen 2 en 7 september, bekend als “Les Massacres de Septembre” (Johnson, 2012). Vanaf januari 1793 begonnen steeds meer politici Marat te mijden. Enkel Robbespiere bleef hem steunen. Partners in crime… Begin februari eiste Marat openlijk de vernietiging van de girondijnen. Hun gematigde en pacifistische houding pasten niet in het Frankrijk dat hij voor ogen had. Op 31 mei 1792 eiste enkele volksvertegenwoordigers, waaronder Marat, in de Commune de Paris de arrestatie van alle girondijnen. Het stemrecht moest voorbehouden worden voor de Sansculotten, waartoe inmiddels ook (zeer toevallig) Marat’s Jacobijnen toe behoorden. De motie werd gelukkig verworpen, enkel de Montagnards stemden voor.

Men schat dat in de duistere periode tussen 1789 en 1795 ongeveer een half miljoen Fransen het slachtoffer werden van de Jacobijnen, waarbij Marat en Robbespiere voor het overgrote deel verantwoordelijk zijn. Het hoeft dus niet te verbazen dat Charlotte Corbay die bewuste 13e juli een einde maakte aan Marat.

Eerlijk is eerlijk, Marat heeft heel wat verdiensten en speelde een belangrijke rol in de emancipatie van de arbeidersklasse op het einde van de 18e eeuw. Maar ook Hitler en Stalin hebben hun meriten. Gaan we hen daarom verheerlijken en hun wandaden vergeven? Ik hoop het niet. Ook de vakbonden speelden een belangrijk rol in de emancipatie van de arbeidersklasse op het einde van de 19e en begin 20ste eeuw. Dankzij hen heb ik nu de tijd om dit te schrijven, dankzij hen werken we niet meer in de mijnen voor een frank per dag. Maar dat vergoeilijkt niet het machtsmisbruik die zij sindsdien tentoon hebben gespreid! Marat had de macht geproefd en verwijderde hardhandig iedereen die hem mogelijks in de weg zou kunnen komen te staan. De macht steeg bij hem naar het lichaamsdeel dat hij anderen zo gaarne ontnam. Zijn strijd voor zijn ideaal maakte van hem niet de beschermer die hij wenste te zijn, maar een tiran die geen andere opinie meer dulde. Zijn ideaal de bevolking te beschermen en te ontwikkelen zorgde er ironisch genoeg voor dat hij er een bedreiging voor werd. De lijnen met het ABVV lopen verdacht parallel. Ja, onze generatie moet de vakbonden dankbaar zijn. We hebben gunstige arbeidsvoorwaarden, onze kinderen kunnen naar school en dergelijke meer. Maar die verdiensten werden reeds lang geleden bereikt. Sindsdien hebben ze het niet nagelaten hun macht te consolideren en hun eigen schatkist te vullen ten koste van anderen. In het nastreven van hun ideaal de burger te beschermen tegen “de grote stoute regering Michel”, gijzelen ze de bevolking, de economie, de welvaart. Ze verpletteren dat wat ze proclameren te beschermen. De opinie van anderen doet er niet toe, de democratie doet er niet toe. Enkel de eigen mening en de consolidering van de eigen macht is van tel. Straks enkel stemrecht voor ABVV-leden, conform Marat? Let wel dat het ABVV 12% van de Vlamingen vertegenwoordigd terwijl de regering Michel 53% voor zijn rekening neemt.

Er zijn veel mensen in de wereld die hun leven lang gevochten hebben voor wat zij geloofden dat goed was voor “het algemeen belang”. Maar als dit het enige criterium is waarop men iemand gaat verheerlijken, dient men Bin Laden, Stalin, Mao en Hitler ook te verheerlijken. Want ook zij geloofden dat wat zij deden “voor het goed van de bevolking was”. Van zodra mensen hun eigen opinie superieur zien aan een andere, van zodra geweld en moord een legitiem middel wordt om het doel te bereiken, draagt men niet bij aan een betere samenleving. Men is er net de vijand van. Ondertussen draagt het ABVV niet enkel de beeltenis van Marat mee, haar militanten spelen hem nog vrolijk na ook. Dat hij een machtswellusteling was die vermoord werd om tienduizenden mensenlevens te redden, wordt handig vergeten. Hij wordt voorgesteld, verheerlijkt bijna, als “de held van het volk” die wordt vermoord door een “vijand van de samenleving”. De militanten in kwestie verwijt ik niets, ik kan me niet van de indruk ontdoen dat ze niet geweten hebben welk een tiran zij in het vaandel hielden. Het ABVV als organisatie echter moet beter weten. Want wie mensen met een andere mening graag bestempeld als “geestesziek” moet sterk opletten zelf geen zieke geesten te verheerlijken. En dat is exact wat zij op dat moment doet;

Verheerlijking van massamoord.

(David) The_Death_Of_Marat


Bibliografie

Johnson, K. D. (2012). Revolutionary Events: Jean-Paul Marat and His Role.

Marat, J.-P. (1790). C’en est fait de nous: Marat.

Martin, C. (2013). Friend of the People, Enemy to the Cause: Jean Paul Marat, Charlotte Corday, and the Consolidation of Jacobin Power in Revolutionary France.

Ponsard, F. (1892). Charlotte Corday: a tragedy: Cambridge University Press.

update 23/04/2015

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s